Keuken verwarming
Eeuwenlang was de keuken het hart van het huis. Om een eenvoudige reden: het was er altijd warm. Nu het fornuis niet meer continu brandt, zijn andere warmtebronnen nodig. Keuze te over gelukkig.
De keuken is een volwaardige leefruimte. Een warmtebron is dus een must. Centrale verwarming ligt voor de hand. Radiatoren zijn er in alle soorten en maten. Je kunt ze naadloos in het interieurontwerp laten opgaan of ze juist als blikvanger laten fungeren. Een zogenaamde ‘handdoekendroger’ is niet alleen handig in de badkamer. Ook een elektrische radiator is wellicht de overweging waard omdat deze separaat van de cv-installatie kan worden gebruikt. Dat is handig in het voor- en naseizoen.
De verwarming helemaal aan het zicht onttrekken kan natuurlijk ook. Op de plek van de radiator kan dan bijvoorbeeld extra kastruimte worden gerealiseerd. Vloerverwarming leent zich perfect voor de combinatie met harde materialen als natuursteen, keramische tegels en gietvloeren; bij uitstek materialen die veel in natte ruimtes als de keuken worden gebruikt. Hoewel vloerverwarming tegenwoordig bij alle vloeren, dus ook bij hout, kurk, laminaat of zelfs tapijt, kan worden toegepast. De klassieke vloerverwarming verwarmt door middel van water. Het water stroomt door leidingen onder het vloeroppervlak. Voordeel van dit systeem is dat het op de bestaande cv-installatie kan worden aangesloten, mits deze voldoende capaciteit heeft. Nadeel is de opbouwhoogte: in niet elke situatie kunnen de leidingen diep genoeg worden ingefreesd. Elektrische vloerverwarming kent dit probleem niet. Geavanceerde systemen werken met matjes van soms nog geen millimeter dik, vergelijkbaar met een paperclip. Inclusief het benodigde laagje egaliseermiddel komt dit neer op een opbouwhoogte van zo’n anderhalve millimeter. Wat betekent dat elektrische vloerverwarming in zo’n beetje elke denkbare situatie kan worden toegepast.
